Wiskunde

Wiskunde wordt gegeven door Annette Beck, Ilan Kisch,  René Wagenaar, Sven Aerts, Jeroen Bergamin en David Kenbeek.

 

        

 
We werken met de VWO-editie van de methode Getal en Ruimte (editie 2007).
 

In de eerste klas heb je drie wiskundelessen per week in de blokken I en II; in blok III en blok IV is wiskunde een vier-uursvak.

In de tweede en derde klas heb je weer drie wiskundelessen per week.

 

Aan het eind van de derde klas moet een profiel gekozen worden: het pakket van vakken waarin je eindexamen gaat doen. Voor elk van de vier profielen bestaat een apart wiskunde-programma, aangeduid als wiskunde A, B, C of D.

 

 

 

Wi C bestaat voor een groot deel uit stof van de onderbouw. De behandeling van deze onderwerpen is niet echt 'moeilijker' dan de wiskunde van de onderbouw: het zijn opgaven over problemen in de praktische werkelijkheid. Zo maak je kennis met statistiek.

Wi C is bestemd voor mensen die bij hun verdere opleiding, behalve misschien statistiek, niet veel wiskunde zullen tegenkomen. Wie wiskunde C heeft gedaan, gaat niet ongecijferd door het leven.

 

Wi A is een uitbreiding van wi C, met onder meer differentiaalrekening. De statistiek van wi C wordt uitgebreid met het opstellen van wiskundige modellen, en methodes om te toetsen of die modellen ook met de werkelijkheid overeenstemmen. Net als bij wi C hebben de meeste opgaven te maken met praktijkproblemen, zoals toepassingen in de economie.  Wi A geeft een brede inleiding in de toegepaste wiskunde en het stelt je in staat om in je vervolgopleiding naar behoefte ook weer andere toepassingen te hanteren.

 

Wi B is een stuk abstracter. Vaardigheid in de omgang met formules en vergelijkingen is een eerste vereiste; daarnaast is ook wel wat wiskundig inzicht nodig: je moet de methodes die je gebruikt ook begrijpen en kunnen verklaren. Het accent ligt wat minder op toepassingen, het gaat meer om zuivere wiskunde. Leerlingen die in de derde klas voor wiskunde lager dan 7,5 scoren kunnen beter geen wi B kiezen.

 

Wi D is een vak voor de echte liefhebbers of mensen die straks een exacte studie gaan kiezen. Er worden capita selecta (o.a.kansrekening, logica, complexe getallen) uit de wiskunde behandeld die de pure schoonheid van het vak laten zien. Wi D is het vak voor mensen die weinig moeite hebben met wiskunde en er niet genoeg van kunnen krijgen. Het is niet moeilijker dan wi B; wat je voor wi-D nodig hebt, is interesse in het vak!

 

Leerlingen van het 4e Gymnasium vinden meer informatie op wiskunde.het4e.nl